limerick-groninger

Een blog over Ierland.


Een reactie plaatsen

Autorijden in Ierland.

Vorige week reden Orla en ik tijdens een dagtocht op een eerder gereden smalle weg waar de uitzichten schitterend zijn en waar we netjes op een recht stuk parkeerden; flink aan de kant met voldoende ruimte voor het passeren van een andere auto.

Even later kwam er een hybride SUV Toyota uit 2019 aan, hoogstwaarschijnlijk een huurauto met daarin een man en vrouw van, ik schat, in de 60. De vrouw zat achter het stuur, stopte en gebaarde driftig dat wij moesten doorrijden. De manier waarop ze dit deed en het gezicht dat ze erbij trok maakten me pisnijdig. Het waren waarschijnlijk Amerikanen, niet gewend aan de Ierse weggetjes, maar er was voldoende ruimte en ik gaf dat met mijn handen aan. Voorzichtig reed ze verder maar stopte ineens vlak voor ze onze auto bereikte en ging in de achteruit om een meter terug weer te stoppen en demonstratief haar armen over elkaar te doen, mij hoofdschuddend van verbazing in een lachbui te doen geraken. Orla, die in de auto was blijven zitten, had het raampje van de auto open en riep “what’s wrong with those people?” Ik vroeg Orla om nog iets meer naar de kant te gaan en gebaarde toen met mijn handen dat er nog veel meer ruimte was en dat ze nu toch echt moesten doorrijden. Waarschijnlijk zag ze aan mijn gezicht dat ik het meende want ze ging er nu toch overdreven voorzichtig langs na mij nog een giftige blik te hebben toegeworpen. Wij reden een paar minuten later een eindje door tot een huis met aardig wat ruimte er naast waar we parkeerden zodat ik nog wat foto’s van het landschap uit een andere hoek kon nemen. De weg liep een kilometer verder dood bij een steengroeve en even later zagen we de SUV weer op de terugweg. De vrouw keek strak vooruit. Orla en ik barstten allebei in lachen uit, iets wat ze waarschijnlijk hoorden want de auto reed stil in elektrische stand.

We komen het vaker tegen: toeristen die in Dublin of Cork op het vliegveld een auto huren en naar de westkust van Ierland rijden want de “Wild Atlantic Way” wordt behoorlijk gepromoot. Erheen blijven ze op de grote wegen maar zodra ze zich op de wegen van de “Wild Atlantic Way” begeven slaat soms de paniek toe (vooral bij Amerikanen) want de wegen worden smaller dan gedacht. Officiële routes zoals “The Ring of Kerry” zijn al aan de smalle kant, waarbij je dan regelmatig grote touringcars tegenkomt waarvan ik me altijd afvraag wat ze in ’s hemelsnaam op zulke smalle wegen te zoeken hebben. Op het Beara schiereiland worden ze geweerd omdat de wegen daar net te smal zijn en ze waarschijnlijk ook geen zin hebben in de schade die dit soort gevaartes aan het wegdek toebrengen.

Op Dingle heb je de Conor Pass, de hoogste bergpas in Ierland met een lengte van 7.2 km. Daar mogen naast bussen en trucks ook geen campers en caravans op. Mensen die op het internet hun vakantie voorbrowsen, zien schitterende foto’s, genomen  van de uitzichtpunten in de bergpas. Men leest dan waarschijnlijk niet de informatie over het rijden door de Conor Pass want op de nauwe gedeeltes is de pas slechts een goede auto breed met haarspeldbochten en aan de ene kant een lage muur waarachter een afgrond en aan de andere kant een rotswand. Er zijn dan inhammen waar je andere auto’s kunt laten passeren. Ik heb twee keer op de pas vastgezeten omdat er weer eens iemand verstijfde achter het stuur vanwege een tegenligger en niet verder of achteruit durfde. Tegenwoordig mijd ik de Conor Pass tijdens het hoogseizoen. Op Dingle heb je ook de Slea Head drive een smalle, bochtige weg over de klippen langs de oceaan met aan de ene kant een klippenafgrond en aan de andere kant de rotswand. Deze weg wordt wel door tourbussen gereden en er wordt geadviseerd om deze route slechts vanuit een richting, kloksgewijs te rijden (doen de bussen ook). Toch kom je altijd mensen tegen die vanuit de andere richting rijden en tegenliggers zijn dus geen uitzondering. Ook deze weg mijden wij normaalgesproken gedurende de zomer.

Wij zijn altijd erg voorzichtig wanneer we toeristenauto’s tegenkomen want ik heb al een paar keer gezien dat ze ondanks de sticker op het stuur van links rijden bij een uitwijkingsmanoeuvre instinctief naar rechts uitwijken. Dat dit soort paniekreacties voornamelijk blikschade veroorzaken mag een wonder heten. De reisgidsen die ik heb ingekeken waarschuwen niet voor de kleine weggetjes. Men wordt enthousiast gemaakt door de beschrijvingen van het moois dat wordt voorgeschoteld, maar dat men soms over een veredeld fietspad moet rijden om er te komen wordt er niet bijverteld. Daarbij komt dat wanneer men van GPS gebruik maakt, deze nog wel eens de kortste routes wil kiezen waarbij de kleinste wegen niet gemeden worden. Wij maken dit regelmatig mee wanneer we op roadtrips onze Garmin de weg laten kiezen. Wij vinden het dan grappig wanneer we weer eens over een weggetje rijden met een strook gras in het midden en net ruimte voor onze auto en blikken of blozen niet wanneer we een tractor tegenkomen. Toeristen die er niet aan zijn gewend kunnen het vaak wat minder waarderen.

Een goede vuistregel voor nerveuzere automobilisten is om alleen op M wegen (autosnelwegen), N wegen (nationale primaire en secundaire wegen) en R wegen (regionale wegen) te rijden en zich niet op L wegen (lokale wegen) te begeven indien het niet strikt noodzakelijk is. M wegen hebben blauwe routeborden, N wegen groene borden en R wegen witte borden. L wegen zijn lokale wegen die erg smal kunnen zijn, soms vol met gaten en met een strookje gras in het midden. Tegenwoordig zie je het nummer van veel L wegen ook langs de weg aangegeven. R wegen zijn soms ook al aan de smalle kant en zelfs secudaire N wegen verschillen in kwaliteit en breedte. In Connemara, in het graafschap Galway, is het wegdek op de N59 op sommige plekken erg slecht en lopen er soms schapen op de weg. Wanneer de GPS voorstelt om vanaf een R of N weg een L weg te nemen dan is dit meestal een weg die gemeden kan worden, tenzij de bezienswaardigheid zich ergens in de Ierse rimboe bevindt. Wanneer men ’s avonds rijden wil: wees gewaarschuwd dat er zelfs langs snelwegen geen verlichting is. Alleen op gevaarlijkere op – en afritten zijn lantarenpalen geplaatst. Langs kleinere wegen is natuurlijk al helemaal geen verlichting en ontbreekt soms ook goede wegmarkering. Vooraf plannen met behulp van internet is wel zo handig. Voor mensen die er lol in hebben en niet snel in paniek raken, kan ik de L wegen wel aanraden. Gewoon voorzichtig rijden en goed uitkijken. Je wordt dan af en toe beloond met de meest onverwachte uitzichten, kasteelruïnes of ander moois terwijl je bijna geen mens tegenkomt.

smalle wegen

Onze auto op een L weg met grasstroken in het midden.

Castle Otway

Een kasteelruïne, alleen bereikbaar via een aantal smalle weggetjes.

Advertenties


Een reactie plaatsen

Zwaluwen?

Eén zwaluw maakt nog geen zomer maar geen zwaluw maakt een trieste zomer. 21 Juni was het begin van de astronomische zomer. De meteorologische zomer is 1 juni begonnen. Tot nu toe heb ik rond ons huis nog geen zwaluw gezien. Het kan natuurlijk aan het weer liggen. Alhoewel: vorig jaar zijn we verwend met vanaf het voorjaar tot in de herfst schitterend weer en waren er maar weinig zwaluwen. Het was waarschijnlijk teveel van het goede want het was veel te droog voor de natuur en het waterpeil en misschien ook wel te droog voor de zwaluwen. Dit jaar is het magertjes in Ierland. Af en toe een mooie dag maar het kwik is tot nu toe nog niet echt boven de 18 graden uitgekomen. Volgens zeggen is het ook in andere delen van de wereld op de zwaluwmigratieroute naar hun zomerverblijf in Europa te koud geweest waardoor zwaluwen het niet hebben gered. Ik las ook verhalen over Egyptenaren die vroeger met lijmstokken zwaluwen en andere zangvogels voor de eettafel vingen maar nu Chinese plastic netten gebruiken waardoor hetzelfde effect als met overbevissing ontstaat. Het gebruik van pesticiden, klimaatverandering met het oprukken van de Sahara en het verdwijnen van rietvelden en natte gebieden wordt ook als reden voor de afname van de populatie genoemd. Daarnaast worden bij verbouwingen hier in Ierland soms nesten verwijderd en er worden ook nesten verwijderd vanwege “de overlast” in de vorm van uitwerpselen. Wat ook de reden is; onze tuin is tot nu toe zwaluwdood en ik verwacht ze eerlijk gezegd ook niet meer. Ook op mijn werk, waar er normaalgesproken veel nestelen, heb ik slechts een paar gezien. Ik mis ze. Ik houd van de luchtacrobatiek en de elegante vorm van deze schitterende vogels. Het is triest en geeft te denken. Wat voor verarmde natuur zullen komende generaties aantreffen?

common_house_martin_hussvala_delichon_urbicum_ottenby_oland_20130518_4_1600Huiszwaluw in vlucht. (Foto: Lars Petersson)


1 reactie

Storm Hannah 2.

Vrijdag ben ik normaalgesproken vroeg vrij omdat ik de rest van de week langer doorwerk en om 10 voor 1 was ik al weer thuis. Het graafschap Clare had code rood maar voor Limerick gold nog steeds vanaf vier uur code oranje. Het gebeurt niet vaak dat een storm op een vrijdagmiddag begint en ik zei tegen Orla dat ik eigenlijk wel een paar uurtjes naar de kust wilde om te zien of ik wat spectaculaire stormfoto’s kon maken. Orla keek me aan alsof ik twee hoofden had en vroeg me of ik wel goed bij het fysieke hoofd was. Ik argumenteerde dat het Ierse meteorologische instituut na een misser de laatste jaren erg aan de voorzichtige kant was met het uitgeven van waarschuwingen en dat ik, mede na bestudering van de weersvoorspellingen op yr.no, tot de conclusie was gekomen dat het tot een uur of 7 ’s avonds betrekkelijk veilig op de weg zou zijn. Ze hoefde niet mee, ik kon best alleen gaan. Dat wilde ze echter niet maar ze wilde alleen naar de kust van het graafschap Kerry omdat dat dichterbij was. Dat vond ik een mooi compromis en om drie uur zaten we in de auto richting Ballyheigue waar we een goed uur later aankwamen na een rit waarbij we door een aantal regenbuien reden, de wind onderweg behoorlijk toenam en ik één keer voor een paar omgewaaide afvalcontainers moest uitwijken en een keer voor een half over de weg gewaaide verrotte stam die we netjes weer in de berm duwden. Ik parkeerde de auto vlak bij het strand maar er was één probleem: we konden de autodeuren bijna niet open krijgen terwijl de auto ook flink stond te schudden. Dat kon problemen geven met nog toenemende wind. Ik besloot toen om de auto maar in het dorp, in een iets meer beschutte zijstraat te parkeren.

Een strandwandeling zat er niet in. Het waaide inmiddels zo hard dat het af en toe moeilijk was om op de been te blijven. Het grootste probleem was echter het zand. Het was droog en nog redelijk helder weer maar de enige reden waarom ik mijn zonnebril opzette was ter bescherming van mijn ogen tegen het rondzwiepende zand.  We werden compleet gezandstraald terwijl we nog niet eens op het strand stonden. Ik was diep onder de indruk van de kracht die de wind inmiddels had. Het leek er echter op dat de  storm een averrechts effect op het water had. Het was alsof de golven teruggetrokken werden inplaats van opgestuwd. Ik had hogere golven gezien op een rustigere dag. Ik begreep toen dat het mede werd veroorzaakt vanwege afgaand tij. Via mijn slimme telefoon zag ik dat het om een uur of 7 volledig eb zou zijn. Tsja, dat werd dus niets met de spectaculaire foto’s.

We besloten om terug te rijden via Ballybunnion, een kustplaatstje met mooie klippen. Wie weet dat er daar wat betere foto’s te maken zouden zijn. In Ballybunnion aangekomen bleek dat de wind welliswaar behoorlijk tekeer ging waardoor ik een aantal keren bijna van de sokken werd geblazen maar dat het met de golven net zo droevig gesteld was. Orla maakte de opmerking dat dit de eerste keer was dat ze het strand zo leeg had gezien, wat echter geen wonder was met al het rondzwiepende zand. Ik voelde me teleurgesteld omdat ik me zo verheugd had op huizenhoge golven tot ik enigzins beschaamd bedacht dat de kustbewoners juist erg blij zouden zijn met het feit dat de storm samenviel met eb. De meeste schade in voorgaande stormen was juist veroorzaakt door de combinatie vloed en storm. Dan maar geen mooie plaatjes.

Om zeven uur die avond waren we weer thuis na een rit waarbij we een over de weg rollende grote gymbal, een paar afvalcontainers en een plastic tuinstoel moesten ontwijken. De storm begon een uur later bij ons thuis de windspierballen te laten zien. Het ging behoorlijk tekeer maar we hebben geen moment zonder stroom gezeten. Het heeft de hele nacht gestormd. Ik ben er een paar keer uit geweest om met grote moeite rond het huis te lopen. Het ging allemaal goed. Zaterdagochtend hoorden we dat duizenden huishoudens zonder stroom zaten en een aantal caravans op campings langs de kust totaal vernield waren. Gelukkig waren er geen doden te betreuren.

Stiekem hoop ik nog wel op stormweer bij vloed, in een weekend, waarbij de golven spectaculair zijn, ik mijn mooie foto’s kan maken, maar niemand schade lijdt.

Ballybunnion 26-04-2019

De storm Hannah ging gepaard met laag water waardoor de golven laag bleven maar het strand leeg vanwege het rondzwiepende zand.


1 reactie

Storm Hannah.

Het gaat stormen vandaag. Gisteren kreeg ik al via een app een code oranje waarschuwing voor het graafschap Limerick waar wij wonen en ook voor de graafschappen Cork en Kerry. Het graafschap Clare heeft inmiddels code rood. Voor de meeste andere graafschappen geldt code geel dat nog kan veranderen naar oranje voor een deel van de nacht. De waarschuwing geldt vanaf een uur of vier vanmiddag maar dat is erg ruim genomen. Op de meeste plaatsen zal de storm pas gedurende de avond echt beginnen. Er worden windstoten van 130 km per uur verwacht met de daarbijbehorende schade van omgevallen bomen en stroomuitval.

Wij zijn niet blij met deze storm, vooral omdat onze twee appelbomen mooi in bloei staan en het maar afwachten is hoe ze de storm doorkomen. Stroomuitval bij storm zijn we wel gewend. In Ierland heb je nog veel bovenleidingen en dan is dat bijna onvermijdelijk. Meestal is dat binnen een paar uur weer opgelost. We koken op flessengas dus we kunnen water koken voor een kop thee en zelfs eten bereiden. Kaarsen batterijlampjes en zelfs een olielamp zijn voorhanden. Wanneer de storm vannacht over ons heentrekt kan het zijn dat we morgenochtend geen stroom hebben. We zien wel.

Het westen van Ierland ligt aan de Atlantische oceaan. Tussen Amerika en Ierland ligt geen land, hetgeen betekent dat Atlantische stormen behoorlijk kunnen huishouden wanneer ze Ierland bereiken. Wij wonen op een uur rijden van de Atlantische kust en dat is maar goed ook. Pal aan de kust wonen kan heel mooi zijn maar wanneer je huis een aantal keren is ondergelopen of op een andere manier beschadigd door een zware storm, is de lol er snel af. Het is voorspeld dat de klimaatverandering voor Ierland betekent dat naast warmer weer er waarschijnlijk meer zware stormen zullen plaatsvinden. Dat zal niet alleen voor windschade zorgen maar ook waterschade door hevige regenval, opgestuwd water uit de oceaan maar ook uit de rivieren. Ook zonder storm kan hevige regenval al voor problemen zorgen omdat men ook in Ierland zo dom is geweest om huizen te bouwen in overstromingsgebieden met als gevolg dat het overtollige water nergens heen kan en er langs rivieren straten en huizen onderlopen. Je kunt wel bedenken wat zware storm in combinatie met hevige regenval kan betekenen.

Waarschijnlijk zal storm Hannah waar wij wonen wel meevallen. Ik hoop het, vooral voor de tuin. We zijn er in ieder geval klaar voor: de vuilcontainers zijn al in de schuur geplaatst, net als de droogmolen, de plastic compostvaten zijn met stenen en autobanden verzwaard zodat de deksels er niet af kunnen waaien, batterijen zijn opgeladen, kaarsen zijn op voorraad, oh, en we hebben brood, maar dat is een Iers grapje. Lang verhaal.

storm Hannah 2

Het kleurrijke beeld van storm Hannah.


Een reactie plaatsen

Brexit.

Begin jaren 90, de eerste keer dat ik door Noord-Ierland reisde, was er nog een hevig versterkte, door Britse soldaten bewaakte grenspost. Toen ik in de bus vlak voor de grenspost mijn camera tevoorschijn haalde, werd me direct verteld om die weer weg te stoppen omdat de camera anders aan de grens afgepakt kon worden want foto’s maken bij de grenspost was uit den boze. Door de Noordierse straten liepen en reden nog gewapende patrouilles en er vlogen geregeld helicopters over. In augustus 1998 ging er in Omagh een autobom af, vier maanden na het tekenen van het Good Friday vredesverdrag. Een splintergroep was het niet eens met dit verdrag en had daarom deze laffe bomaanslag gepleegd waarbij 29 mensen om het leven kwamen. Orla en ik waren een dag tevoren nog in Omagh geweest, wat het voor ons wel heel dichtbij bracht. Daarna werd het betrekkelijk rustig in Noord-Ierland, op enkele jaarlijkse incidenten rond de oranjemarsen in juli na. De grensposten werden afgebroken en de grensbewaking verdween. Het vredesproces bleek te werken. Sindsdien is er een levendig grensverkeer met de bijbehorende handel waarvan de bewoners in de grensstreek voor een groot deel afhankelijk van zijn.

Jammergenoeg lijkt het Verenigd Koninkrijk nu roet in het eten te gaan gooien met hun Brexit. Aangezien Noord-Ierland deel is van het Verenigd Koninkrijk, wordt dit de enige fysieke landsgrens tussen dat Verenigd Koninkrijk en de EU, een grens die de meeste Noord-Ieren en Ieren open willen houden voor uiteenlopende redenen. Een harde grens betekent dat het grensverkeer niet meer vrij is, dat er allerlei heffingen op producten komen, dat er andere regels gaan gelden in de beide delen en dat aardig wat mensen problemen zullen krijgen met hun werk aangezien sommige grensbewoners over de grens werken. We hebben het dan nog niet eens over de grensbewaking gehad die nodig is in het geval er geen goede overeenkomst wordt afgesloten en er een harde grens komt. Dat zal de republiek Ierland flink wat geld gaan kosten want het gaat hier over een 499 km lange grens met veel kleine slingerweggetjes waarbij waarschijnlijk militairen moeten worden ingeschakeld om langs alle kleine weggetjes in het grensgebied te patrouilleren om smokkelen tegen te gaan.

Een ander gevaar dat op de loer ligt is het weer oplaaien van sectarisch geweld. In Noord-Ierland loopt men nog altijd op eierschalen en er is niet veel voor nodig om de zo lang onderhandelde vrede weer op losse schroeven te zetten.

Het Verenigd Koninkrijk is daarom in onderhandeling om de grens met de Ierse republiek open te houden, ook bij een no-deal brexit. Daarvoor is een zogenaamde “backstop” constructie bedacht: een noodplan waarbij de Europese Unie wil dat Noord-Ierland in de douane-unie blijft, hetgeen de Britten niet willen omdat ze geen uitzonderingspositie willen voor Noord-Ierland binnen het Verenigd Koninkrijk. De Britten willen liefst als geheel tijdelijk in de douane-unie blijven, maar dat ziet de EU absoluut niet zitten en ook de harde kern van de Brexit aanhangers vreest dat het Verenigd Koninkrijk dan nog een hele tijd aan Brussel vastzit en zit die deal ook niet zitten. Natuurlijk zijn er nu velen in zowel het VK als Noord-Ierland en de republiek Ierland die stiekem hopen dat de hele Brexit op deze problematiek strandt en dat de Brexit niet meer doorgaat. Het zou Ierland in ieder geval een hoop geld schelen want zelfs al komt er een overeenkomst en een open grens met Noord-Ierland; het gaat alleen al voor de handel veel geld kosten met alle regels en in – en uitvoerrechten. Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke markt voor Ierland. Hier in Ierland vreest men voor een nieuwe recessie na een Brexit. Vooralsnog blijft het spannend en houden de Ieren hun adem in.

Controle post van het Britse leger.

Een Noord-Ierse controle post van het Britse leger in de jaren 80.

road block

Kleine wegen waren geblokkeerd op de grens van Noord-Ierland en Ierland.

De grens tussen Noord-Ierland en Ierland anno 2019.

Grensprotest tegen de Brexit bij grensovergang tussen Ierland en Noord-Ierland.

 


1 reactie

Reizen in Ierland: het zuidwesten.

Het zuidwesten van Ierland beslaat voornamelijk de schiereilanden van West-Cork en het graafschap Kerry en maakt deel uit van de Wild Atlantic Way, een door de toeristenindustrie gepromote route die bij Kinsale (zie Reizen in Ierland: het zuiden) in het zuiden begint en het hele westen en noordwesten van Ierland bestrijkt. Meer naar het binnenland ligt het stadje Killarney dat bekend is vanwege het National Park met een merengebied en de Macgillycuddy bergketen met de hoogste bergpieken van Ierland:  Carrauntoohil 1,0038 meter hoog, Beenkeragh 1,010 meter, Caher 1,001 meter, Cnoc na Péiste 988 meter. Ladies view is een zeer bekend uitkijkpunt over de meren en de Gap of Dunloe is een mooie bergkloof die je wandelend, fietsend per paard of  in een paardenkoets kunt verkennen. Van de schiereilanden (peninsulas) zijn Mizen Head, The Beara Peninsula, The ring of Kerry en Dingle allemaal de moeite waard.

Mizen Head heeft een uitgezet wandelpad met een loopbrug naar een rots met een oude sein – en weerpost die te bezoeken is. Het klippenpanorama is adembenemend.

Wanneer je het echt rustig wilt hebben dan kun je het Sheep’s Head schiereiland bezoeken. Het ligt tussen Mizen Head en Beara in en is het minst toeristisch. Een gedeelte is met de auto of op de fiets toegankelijk maar er zijn ook een aantal wandelroutes uitgezet met mooie uitzichten over de baaien en met klippenpanorama’s.

Het Beara schiereiland is minder toeristisch dan de Ring of Kerry en heeft een geheel eigen charme. Op de punt van Beara vind je de enige Ierse kabelbaan naar Dursey Island. Op Beara kun je bij het plaatsje Allihies nog oude kopermijnen zien. Eyries is ook een leuk, kleurrijk plaatsje. Beara heeft een mooie bergpas, de Healy Pass, die goed te berijden is alhoewel de weg erg smal is. Een gedeelte van het schiereiland ligt in County Cork en het andere gedeelte in County Kerry. http://www.bearatourism.com/index.html

De Ring of Kerry rond het Iveragh schiereiland is erg geliefd bij toeristen vanwege de mooie uitzichten. De meeste toeristen rijden de geijkte route maar wanneer je met de auto, motor of fiets reist, (wandelen kan natuurlijk ook) kun je er ook voor kiezen om de binnenwegen van het Iveragh schiereiland te verkennen en bijvoorbeeld vanaf Killarney binnendoor steken. Je rijdt dan door een mooi berggebied en komt ook een aantal meren tegen. In de zomer kun je met een veerpont naar Valentia Island maar je kunt ook het hele jaar door vanaf Portmagee de brug nemen. Op Valentia vind je pootafdrukken van een dinosaurus. Vanaf Portmagee kun je via een bergpas of een weg door het veen naar de Skellig Ring toe. Deze kustweg dankt de naam aan schitterende uitzichten op de Skellig eilanden, bekend uit de meer recente Star Wars films. Op het Iveragh schiereiland bevindt zich ook een zogenaamd Dark Sky Reserve. In deze gebieden is de verlichting zodanig aangepast dat er ’s nachts geen lichtvervuiling is en je ’s nachts bij heldere hemel op een schitterende sterrenhemel wordt getrakteerd.

Dingle is de naam voor een schiereiland en een stadje op dat schiereiland. Het schiereiland Dingle is een zogenaamde Gaeltacht, een gebied waar Iers nog de voertaal is en de wegbewijzering ook alleen in het Iers is, hetgeen bij toeristen soms tot verwarring kan leiden. Dingle heeft de hoogste berg buiten de Macgillycuddy’s keten en dat is Mount Brandon die 952 meter hoog is. Wanneer je het Dingle schiereiland oprijdt kun je op twee manieren naar het stadje Dingle rijden: via de laaggelegen weg of via de Conor Pass, een bergpas. De laaggelegen weg is gemakkelijker en veiliger. Op het hoogste punt van de Conor Pass is een parkeerplaats en heb je mooie uitzichten maar de erg smalle weg naar Dingle slingert zich rond een berg met aan de ene kant een rotswand en aan de andere kant een afgrond. Wanneer je tegenliggers tegenkomt moet je soms een eindje achteruitrijden om bij een plek uit te komen waar je elkaar kunt passeren. Niet aan te raden voor caravans, campers en zenuwachtige automobilisten. Dingle is een leuk stadje met veel eetgelegenheden, pubs en traditionele muziek. In de haven van Dingle zwemt een dolfijn genaamd Fungie rond die ook per boot te bezoeken is. Vanuit het stadje Dingle kun je ook drie uur durende boottochten rond de eilanden boeken waarbij je zeehonden, dolfijnen en wanneer je geluk hebt, walvissen kunt zien.

Op het schiereiland Dingle vind je zogenaamde beehive huts: prehistorische steengestapelde hutten. Borden langs de weg geven aan waar ze zijn. Om ze te zien moet je entree betalen.

Dunquin (Dún Chaoin) is de uiterste punt van het Dingle schiereiland waar zich  het Great Blasket Centre bevindt: een museum en informatiecentrum over de Blasket eilanden die tot in de jaren 50 van de twintigste eeuw bewoond waren. Dit is een zeker een bezoek waard wanneer je geïnteresseerd bent in de geschiedenis van de eilanden. De Great Blasket (het grootste eiland) is te bezoeken. Er hebben enkele bekende Ierse schrijvers gewoond.

De Slea Head drive is een mooie rit met schitterende uitzichten. Het is gebruikelijk dat je deze rit van 46 km in totaal vanuit Dingle met de klok mee rijdt omdat een deel van de route, rond de punt, weer over een erg smalle weg gaat maar wel door toeristenbussen (met de klok mee) wordt gereden. Die kom je liever niet als tegenligger tegen. Deze rit brengt je naar Dunquin en gaat dan rond de punt die Slea Head wordt genoemd. Er zijn verschillende plekken onderweg waar het de moeite waard is om even te stoppen voor het uitzicht.

Alhoewel een rondrit over een van de schiereilanden in een dag te doen is, loont het de moeite om een aantal dagen op een schiereiland door te brengen. Vooral Beara, Iveragh en Dingle hebben goede restaurants en pubs waar je goed kunt eten, en veel slaapgelegenheden. In de plaatsjes is vooral in de zomer vaak vertier in de vorm van traditionele muziek. Mocht de lucht ’s avonds redelijk wolkenvrij zijn, dan word je tijdens een wandeling getrakteerd op een schitterende sterrenhemel.

Klik op een foto voor de grotere versie.

 

 


Een reactie plaatsen

Reizen in Ierland: het zuiden.

Cork is het grootste graafschap in Ierland. Een gedeelte van het graafschap Cork wordt tot het zuidwesten gerekend, en er is verschil met het zuiden en het zuidwesten van dit graafschap. Het zuidwesten is vrij ruig terwijl het zuiden en het binnenland van Cork wat lieflijker is. Dan is er nog de stad Cork, een van de grotere steden van de republiek.

De stad Cork, de tweede stad van de republiek, vind ik zelf gezelliger dan Dublin. In de binnenstad vind je nauwe straatjes met leuke winkels en eetgelegenheden. De “English Market” is een overdekte markt die erg bekend is en een bezoek waard. Vanuit Cork kun je via een brug naar het stadje Cobh dat in de haven van Cork ligt en de laatste haven is waarvandaan de Titanic vertrok voor de ramp. De Cobh heritage centre is een museum dat het verhaal van de Ierse emigratie vertelt.

Cork City is een goede uitvalsbasis om het zuidoosten, het zuiden en het zuidwesten te verkennen. In zowel Cork als Cobh is veel te doen op het gebied van muziek en cultuur.

Wanneer je veel Amerikanen wilt tegenkomen moet je vooral naar Blarney Castle gaan. Het kasteel is beroemd vanwege de Blarney Stone, een steen die zich op behoorlijke hoogte in het kasteel bevindt en die je ruggelings gelegen, vastgehouden door een van de suppoosten moet kussen waardoor je welbespraakt wordt. Onzin natuurlijk en het verhaal wil dat ’s avonds plaatselijke jeugd stiekem de kasteelruïne binnendringt en tegen de steen aan watert. De tuinen rond het kasteel zijn de moeite waard en het is een pittoresk plekje. Je betaalt wel 18 Euro per persoon voor een bezoek aan de tuinen.

Kinsale is een kleurrijk, toeristisch plaatsje in het zuiden van het graafschap Cork en het zuidelijkste punt van The Wild Atlantic Way. De “Old Head of Kinsale” is een uitloper met mooie klippen. Het is slechts gedeeltelijk toegankelijk omdat het andere deel door een golfclub wordt beheerd. Kinsale heeft ook een oud fort, Charles Fort dat bezocht kan worden.

De zuidkust van Cork kent veel mooie baaien waar het goed toeven is zoals Crosshaven. Er zijn ook veel prehistorische overblijfselen in County Cork. Drombeg Stone Cirkel is er een van. Het ligt een aantal kilometers van het pittoreske dorp Rosscarbery verwijderd. Wie gek is op ezels kan in Liscannor terecht voor the donkey sanctuary.

Voor de kust van Cork liggen een aantal eilanden die de moeite waard zijn. Op Cape Clear is Iers nog de voertaal en naar dat eiland reizen jaarlijks groepen Ierse kinderen af om hun Iers bij te spijkeren in Summer Schools.

Op de westelijke schiereilanden die aan het graafschap Cork toebehoren kom ik in een blog over het zuidwesten terug.

Klik op de foto’s om een grotere versie te zien.